Raad van State wil nieuwe box 3 pas in 2030: wat dat betekent voor crypto

Door 0 reacties
Raad van State wil nieuwe box 3 pas in 2030: wat dat betekent voor crypto
Raad van State wil nieuwe box 3 pas in 2030: wat dat betekent voor crypto | Beeld: CryptoHow

De Raad van State raadt invoering van de nieuwe box 3-belasting op vermogen in 2028 af. De Belastingdienst noemt het plan voor dat jaar onuitvoerbaar. Als het kabinet het advies volgt, blijft voor crypto en ander vermogen tot 2030 het huidige stelsel gelden.

Het advies dateert van 28 oktober en werd maandag gepubliceerd. Het gaat over een novelle: een wetsvoorstel waarmee het kabinet een ander wetsvoorstel aanpast dat al bij de Eerste Kamer ligt. Dat is de Wet werkelijk rendement box 3, die de Tweede Kamer in februari aannam. Het kabinet hoeft het advies niet te volgen.

Crypto zou tijdelijk anders worden belast

Het kabinet wil uiteindelijk alleen winst belasten die je echt maakt. Een koerswinst telt dan pas als je verkoopt. Met de novelle wilde het die regel per 2028 al laten gelden voor aandelen, beleggingsfondsen, waarin geld van meerdere beleggers wordt samengebracht, en andere beleggingen. Volgens de toelichting valt dan ongeveer 90 procent van het vermogen in box 3 onder die regel.

Voor vermogen dat niet onder die regel valt, zou tot 2030 een andere regel gelden: belasting over de waardestijging van elk jaar, ook als je niets verkoopt. Dat geldt onder meer voor spaargeld, vreemde valuta en crypto die je zelf bezit, zoals bitcoin op een exchange. Crypto in een beleggingsfonds zou wel pas bij verkoop worden belast.

De Raad van State noemt dat onderscheid kwetsbaar, omdat het kabinet het "zonder duidelijke rechtvaardiging" maakt. In het volledige advies gebruikt de Raad crypto zelf als voorbeeld van die ongelijkheid.

Belastingdienst noemt het plan onuitvoerbaar

De Belastingdienst toetste het plan op vijf onderdelen, waaronder de controleerbaarheid van de regels en de kans op fraude. Op alle vijf was het oordeel negatief. Voor 2028 noemt de dienst de novelle onuitvoerbaar. Het tijdelijke gemengde stelsel zou 252 voltijdbanen en ongeveer 31 miljoen euro extra kosten.

Een deel van het probleem ligt bij de banken. Zij kunnen in 2028, en mogelijk ook in 2029, niet aanleveren wat een belegger bij verkoop heeft verdiend. Beleggers moeten die winst dan zelf uitrekenen, en de Belastingdienst kan dat nauwelijks controleren.

Twee routes, allebei pas in 2030

De Raad geeft het kabinet twee routes. De eerste: het wetsvoorstel bij de Eerste Kamer intrekken, de novelle niet indienen en met een nieuw voorstel komen. De tweede: de novelle toch gebruiken, maar de nieuwe belasting voor al het vermogen pas in 2030 laten ingaan.

De kern van het advies: invoering per 2028 is volgens de Raad van State niet verantwoordBron: Raad van State

In beide gevallen blijft het huidige stelsel in 2028 en 2029 bestaan. Daarin rekent de Belastingdienst met een vast rendement dat de overheid vooraf aanneemt voor elke soort bezit. Wie aantoont dat het echte rendement lager was, betaalt via de tegenbewijsregeling, een regeling om een lager werkelijk rendement aan te tonen, minder belasting.

Ook 2027 is nog onzeker

De novelle bevat ook maatregelen om de kosten van het plan te dekken. Een deel daarvan zou al in 2027 ingaan, binnen het huidige stelsel. Het heffingsvrije vermogen, het deel van je vermogen waarover je geen belasting betaalt, zou bijna halveren tot 30.846 euro. Het veronderstelde rendement op overige bezittingen, de categorie waaronder crypto valt, zou stijgen naar 7,87 procent.

Volgens de Raad van State bleek in de Tweede Kamer voor delen van dat pakket te weinig steun. Het kabinet heeft toegezegd alternatieven uit te werken die kleine spaarders ontzien. Die staan nog niet in het voorstel.

Lees ook

Achtergrond

Onze gidsen met de regels en uitleg achter dit nieuws.