Europees Parlement geeft groen licht voor onderhandelingen over digitale euro

In het kort
- Plenaire stemming op 9 juli: 416 voor, 169 tegen, 22 onthoudingen.
- Onderhandelingen met de lidstaten starten op korte termijn onder Iers voorzitterschap.
- Het standpunt bevat een bezitslimiet per persoon, gratis basisdiensten en privacywaarborgen.
- Winkels mogen contant geld niet weigeren; lidstaten moeten de beschikbaarheid ervan bewaken.
Verzet van drie fracties afgewezen
De fracties PfE, ECR en ESN hadden het besluit van de commissie Economische Zaken van 23 juni aangevochten om interinstitutionele gesprekken te openen. De plenaire vergadering veegde dat bezwaar van tafel en bekrachtigde het onderhandelingsmandaat, zo blijkt uit het persbericht van het Europees Parlement.
Een derde dossier uit hetzelfde pakket, over de status van eurobiljetten en munten als wettig betaalmiddel, werd niet aangevochten. Ook daarover kan dus worden onderhandeld. Europarlementariër Fernando Navarrete Rojas (EPP) leidt het onderhandelingsteam van het Parlement.
Wat er in het standpunt staat
De digitale euro wordt een elektronische vorm van geld, uitgegeven door de Europese Centrale Bank, die zowel online als offline werkt. Transacties moeten volgens het Parlement worden geverifieerd zonder persoonsgegevens bloot te leggen; die gegevens mogen alleen worden verwerkt voor zover strikt noodzakelijk.
Verder legt het standpunt vast:
- Een limiet op het aantal digitale euro's dat iemand mag aanhouden, om het financiële stelsel te beschermen.
- Gratis basisdiensten: een rekening openen, geld aanhouden en beheren, plus toegang tot minimaal één betaalinstrument.
- Een acceptatieplicht voor de meeste bedrijven. Zzp'ers en kleine ondernemingen die geen andere digitale betalingen accepteren, zijn uitgezonderd.
- Banken en betaaldienstverleners uit EU-landen buiten de eurozone mogen de digitale euro distribueren.
- Eurolanden moeten contant geld toegankelijk houden. Bedrijven mogen contant geld niet weigeren en lidstaten moeten de beschikbaarheid ervan blijven monitoren, met bijzondere aandacht voor ouderen, mensen met lage inkomens en mensen zonder bankrekening.
Eerste ronde volgt snel
De EU-landen bereikten hun eigen standpunt al op 19 december 2025. Nu beide partijen een mandaat hebben, kan de slotfase van het wetgevingsproces beginnen.
Een eerste onderhandelingsronde met het Ierse voorzitterschap staat op korte termijn gepland. De ECB wil klaar zijn voor een mogelijke eerste uitgifte in 2029, ervan uitgaande dat de wetgeving in de loop van 2026 wordt aangenomen.
